Poëzie

Quinten De Coene

“Zonnebloemen” Voor Sophie ‘W’

Woest zijn de
littekens
Op haar armen.
Wat voor zin heeft
het
Te huilen
Als iedereen blind
en doof is Rondom haar?

Elke nerf in de
armen en benen is
een
Nuchtere
Stand van zaken die
Haar gevoeligheid in
kaart
Brengt op het vlees
waar ze
Zonder keuze in
geboren werd.

Ik had me graag
ontfermd over
Haar, maar het was
Zij
Die Mij vond op
straat,
Verward,
Niet wetend waar
naartoe
Met de ogen op een
boekenwinkel
Zonder smet.
Ze sleurt me naar
haar huis.
Daar struikel ik over
het alfabet van haar
zoon.
Het onkruid is
getekend.
Ze heeft mijn liefde
maar ik kan
Haar dat moeilijk
tonen. Hoe ze
Me begrijpt, het
hoeft ook niet.
De zin is belabberd,
Het schip is
ondersteboven.
Elk glas een stap
dichterbij de
waarheid.
Ze weet meer dan ik,
ze snijdt
Dieper in het leven
dan mijn
Kleurengebruik kan
benaderen.
En later bevind ik mij
tussen
Vrienden in
Ambergezeik,
Van lever tot hart
denk ik
Aan haar,
Vraag me af
Of zij niet de enige is
die me
Echt verstaan heeft.

Kolibrie (3)

Woord per woord
sterven
Dit graf is gezonken
nu
Jouw naam op mijn
zerk

“In het ondergrondse”

Ik
Verwacht
Niets
Voelen ons
Klein
Vincent van Gogh
staart
Smeekbede
Begrepen worden
In metrohart – Het
Rijdt
Blindelings
Door tunnels en
Wordt zelden
Beantwoord
Ik weet dat het er is
Maar ik zie
Je liefde enkel
In stopwoorden
Halte per halte
In de nachtvlinder
Naar de lamp
Ik moet je aandacht
Wurgen
Door je hand
Te zoeken
En zelf
Pijn te omarmen
Door de ontkenning

-Parijs 2019